In 6 stappen naar je ideale verlichting

De dagen worden weer wat korter en donkerder, we knippen vaker een lampje aan. Verlichting in huis vinden we vaak lastig. Het is een belangrijke sfeermaker in je interieur en heeft veel invloed op hoe jij je in de ruimte voelt. Waar pas je verlichting toe, welke soort verlichting gebruik je en in welke ruimte? In dit blog lees je hoe je dat aanpakt in 6 praktische stappen.

 

Stap 1: welke soorten verlichting heb je nodig?

Verlichting heeft verschillende functies. Met de uitleg hieronder kan je bepalen wat er bij jou thuis nodig is.

Basisverlichting is bedoeld om zichtbaar te maken en te kunnen herkennen. In de praktijk is dit vaak de lamp die je het eerst aandoet in de hal of de woonkamer als je thuis komt. De armaturen zijn vaak hanglampen of plafondspots.

Sfeerverlichting is, zoals de naam al aangeeft, bedoeld om sfeer te creëren. Bij deze verlichting kijk je tv of praat je gezellig met vrienden. Je kunt dan denken aan een staande lamp of tafellamp.

Voor sommige activiteiten in huis is functieverlichting nodig om goed te kunnen zien wat je doet. Denk aan de spots boven het aanrecht of een leeslamp.

Tot slot is er nog accentverlichting waarmee je bijvoorbeeld planten of kunst in de schijnwerpers kan zetten. Deze verlichting bestaat vaak uit spots die rechtstreeks zijn gericht op wat je wilt uitlichten.

Stap 2: zorg voor balans

Je weet nu welke soorten verlichting je nodig hebt. Om een mooi geheel te krijgen waar jij je fijn bij voelt moet de verlichting ook in balans zijn. Je wilt dat de hele ruimte evenwichtig is verlicht zodat je geen extreem donkere of lichte plekken krijgt. Dit maakt het onrustig. Stel je hebt sfeerverlichting in je zithoek en de zithoek bevindt zich aan de rechterkant van de ruimte. Door ook sfeerverlichting aan de linkerkant van de ruimte te plaatsen zorg je ervoor dat het aan die kant niet te donker is en creëer je balans.

 

Stap 3: rekening houden met reflectie

Licht reflecteert en het is slim om daar rekening mee te houden zodat je niet wordt verblind door reflectie via en spiegel, raam of de tv. Dit kan je doen door rekening te houden met de plek waar je verlichting plaatst of door gebruik te maken van indirecte verlichting waardoor je niet rechtstreeks in de lamp kijkt en deze dus ook niet zorgt voor reflectie op plekken waar dat storend is.

 

Stap 4: kies je lichtbron

De lamp die je in de armatuur doet is je lichtbron. Er zijn veel soorten lichtbronnen, maar tegenwoordig is LED de meest voorkomende én energiezuinigste.

 

Bij het kiezen van de lichtbron zijn twee dingen belangrijk: de kleurtemperatuur en het aantal lumen. Kleurtemperatuur wordt aangegeven in Kelvin (K). Hoe meer Kelvin hoe koeler het licht. Voor de woonkamer en de slaapkamer moet je denken aan 2700 – 3000 Kelvin. In de keuken wil je het licht boven het aanrecht iets koeler hebben, zodat je goed kan zien wat je doet. Daar is 3000 – 4000 Kelvin heel geschikt voor. In de badkamer bij de spiegel waar je je opmaakt of scheert wil je extra koel licht hebben wat meer op daglicht lijkt, dan zit je met 3500 – 5000 Kelvin goed.

 

Sinds de uitfasering van de gloeilamp (en sinds kort ook de halogeenlamp) kijken we niet meer naar het vermogen van de lichtbron in Watt, maar naar de lichtopbrengst in lumen. Hoe hoger het aantal lumen, hoe hoger de lichtopbrengst.

Omdat we zo gewend waren aan Watt is het wel handig om gebruik te maken van een omrekentabel zodat je het oude wattage kan vergelijken met het aantal lumen.


Stap 5: Welke armaturen?

Zo’n lichtbron wil je natuurlijk ook ergens in kunnen draaien. De armatuur is vaak het meest beeldbepalende deel van je verlichting en dus belangrijk om goed over na te denken. Het kiezen van de armatuur is heel persoonlijk. Het moet in ieder geval passen bij jouw inrichtingsstijl en voldoen aan de functie waarvoor je de lamp wilt inzetten. De meest veilige weg is om al je armaturen uit één designfamilie te kiezen of om ze qua kleur goed op elkaar af te stemmen. Heb je weinig ruimte en veel of zware meubels in je interieur kies dan voor een wat fijner design. Heb je meer ruimte, dan kan je van een wat groter armatuur, of meerdere bij elkaar, een echte blikvanger maken boven bijvoorbeeld je eettafel of de bank.

Houd je van zelf maken? Armaturen zijn ook heel geschikt om zelf te pimpen of helemaal zelf samen te stellen én het maakt je interieur meteen persoonlijk. Bij diverse (online) winkels kan je zelf snoeren, fittingen en toebehoren kopen. Zo maak je van de oude lantaarn van opa weer een moderne sfeerlamp of maak je zelf jouw ideale lamp boven de eettafel.


Stap 6: maak het jezelf makkelijk met slimme verlichting

Slimme verlichting of smart verlichting zijn LED lampen die je kunt bedienen met een app of afstandsbediening. Heel handig omdat je de kleurtemperatuur en soms ook de kleur kan aanpassen. Hiermee kan een lichtbron meerdere functies vervullen. De lampen zijn ook dimbaar, handig als je bijvoorbeeld eerst wil gaan lezen en daarna televisie kijken. Door je lampen in de app te programmeren staat het licht bijvoorbeeld al aan als je thuiskomt of laat je de buitenlamp aanfloepen als het begint te schemeren en weer uitgaan als het licht wordt.

 

 

Liefs,

 

Fiona

By Fiona Home

 

PS  Kom je er zelf niet helemaal uit of heb je andere interieurvragen? Kijk hier voor de mogelijkheden of neem vrijblijvend contact met me op. Al voor € 150 kunnen we samen een plan maken om jouw interieur mooi uit te lichten.